De aankomst, deel II
maandag, januari 19
16:11

Ik ben achter hem aangelopen naar De Rietvogel. De oude man sjokte langzaam, stap voor stap, over de grijze stoeptegels. De rietvogel is een groot wit gebouw. Een blond meisje, ik gok dat ze een jaar of zeventien is, loopt naar hem toe en neemt hem bij de arm. Het gaat niet van harte.

“Komt u maar meneer Giesen, deze kant op”

Ze kijkt hem niet aan terwijl ze praat en ze loop mij straal voorbij. Geen bedankje, geen vragen, helemaal niks. Maar ik geef niet zomaar op, ik loop achter ze aan. Naar zijn kamer, kamer 116. Daar word hij in een bruine stoel gezet.

De kamer is leeg en kil. De muren zijn lichtbruin, de meubels van plastic. In de hoek zit meneer Giesen, in een grote bruine leren stoel. Aan de andere kant staat een ziekenhuisbed. De kussens zijn wit, het deken is wit en het matras is wit. Het hele bed is wit. Smetteloos wit. Opeens begrijp ik hem, voor een deel. Want hoe kun je in zo’n steriel witte omgeving…. Wit roept geen herinneringen op. Wit is gewoon wit, wit is niks. Vandaag dat zijn de kleuren en vroeger is sepia, net zoals de sepia foto’s die in bruine lijstjes hangen midden op de muur. Een bruidspaar, een gezin en een foto van een oude boerderij. Hij ziet me kijken.

“Vrouw…” prevelt hij.

De verpleegster kijkt op en ziet me staan. Ze zegt niks, zet een glas water neer en loopt de kamer met grote stappen uit. Bij de deuropening blijft ze even staan.

“Wat leuk dat u bezoek heeft meneer Giesen, dat is al lang geleden of niet dan?” zegt ze tegen de oude man in de bruine leren stoel. Ze kijkt me waarschuwend aan. Van haar naambordje leer ik dat ze Liesbeth heet. Dan is ze weg.

“Bent u dat op die foto?” vraag ik, en ik ga op de rand van het ziekenhuisbed zitten. Met het potlood dat op het kastje lag wijs ik naar de foto op de muur. Hij kijkt van mij naar de foto op de muur en neemt een slok van zijn glas water. Dan begint hij te vertellen over zijn vrouw en over zijn trouwdag alsof het de dag van gisteren was. Levendig, alsof hij zich vasthoud aan deze ene herinnering. Dat ene moment dat nog helder in zijn geheugen geschreven staat. Hij vertelt me dat zijn vrouw Johanna heet en de mooiste van het hele dorp was. Dat ze twee kinderen hebben: Johan en Mark. Dat hij een bos rozen voor haar kocht op de dag dat ze gingen trouwen en dat hij nog bijna te laat was op deze belangrijke dag.

“Maar dat vond ze niet erg want ze houdt van mij…”

Ik ben er even stil van. Samen kijken we naar de foto op de muur. Als een andere verpleegster langs komt om te zeggen dat het bijna etenstijd is sta ik op. Ik geef meneer Giesen een hand, maar hij laat niet los.  Zijn knokkige oude vingers klemmen zich om mijn handpalm.

“Kom je volgende week weer hier? Met de trein? Ik kan je wel ophalen?”

Dit was vorige week. Nu zit ik in de bus naar Bavel en mijn halte is er nadert. Ik kon geen nee zeggen. Vorige week op mijn weg terug kwam ik de verpleegster, Liesbeth, weer tegen. Ik vroeg haar naar zijn vrouw en of die wel eens op bezoek komt. Ze schudde haar hoofd. Zijn vrouw was twintig jaar geleden overleden.

“En zijn kinderen dan? Komen die wel eens?” vroeg ik

“Nee, u bent de eerste in tien jaar die hem op komt zoeken”

En weg liep ze. Nog twee haltes nu. Mijn hart klopt in mijn keel. Ik vraag me af of hij me wel herkent. Waarschijnlijk niet. Buiten ligt sneeuw en kinderen spelen op het ijs. Ik voel me vreselijk bezwaard. De afgelopen dagen heb ik alleen maar aan de oude man kunnen denken. Er is iets aan hem. Het is net alsof hij een verschrikkelijk geheim met zich meedraagt. Vlak voor de ingang van de rietvogel stap ik uit. Ik loop door de sneeuw naar de hoofdingang waar ik Liesbeth al zie staan. Ze herkent me meteen en loopt voor me uit naar meneer Giesen. Ze strekt haar arm uit om de deur open te doen, maar wacht dan even. Ze kijkt me doordringend aan.

“Pas wel op,” zegt ze zachtjes, “hij heeft een net woedeaanval gehad”


Informatie.
Naam: Tamarah
Leeftijd: 19
Woonplaats: Zwolle

En de copyright van de layout ligt bij mezelf.

Imponderabilia.

Omstandigheden waarvan de waarde niet precies aan te geven is, maar die toch hun onmiskenbare invloed laten gelden

Archief.

juli 2008
augustus 2008
september 2008
oktober 2008
november 2008
januari 2009
februari 2009
maart 2009
april 2009
mei 2009
juni 2009
juli 2009
augustus 2009
september 2009
oktober 2009
januari 2010
februari 2010


Kijk hier ook.
Toerfietser Martijn van Calker Jeol Gumthief Postsecret Zwolsnieuws